Gluur-tv

“Zijn we ziek, geblesseerd tijdens de Vierdaagse of misselijk van liefdesverdriet, Hilversum zegt: Komt allen tot mij die vermoeid en belast zijt, en ik zal u rust geven.” (Willem Pekelder)

Zo begint het essay van Willem Pekelder dat ik afgelopen zaterdag las in een katern van Trouw. De strekking: mensen brengen hun misère niet langer naar de kerk, maar naar de omroepen in Hilversum. Ik vond het eerst een beetje ver gezocht, de televisie als vervanger van de kerk. Reality-televisie en televisieprogramma’s in het algemeen zijn toch minstens net zo hard op hun retour als de kerk? Wie kijkt er nou naar programma’s als ‘Een dubbeltje op zijn kant’, ‘Bonje met de buren’ of ‘Help, mijn man is klusser’? En zijn de mensen die op televisie hun problemen tentoonstellen echt de mensen die anders bij een kerk hadden aangeklopt?

‘Stumperds kijken’

Natuurlijk kijkt er bijna niemand naar zulke programma’s. Tenminste, dat dacht ik totdat ik naar Uitzending Gemist surfte om mijn wekelijkse portie Nederlandse televisie aan te vullen. Programma’s als ‘Boer zoekt vrouw’ en ‘Ik vertrek’ worden steevast massaal teruggekeken en tegenwoordig staat ook het EO-programma ‘Zo zijn we niet getrouwd’ hoog in de terugkijklijstjes. Dat laatste programma heeft ook mij in zijn greep gekregen. Niet omdat het leuk is, niet omdat je er iets van leert, niet omdat je je er beter van gaat voelen, maar gewoon om het kijken. Of beter: om het meekijken. Meekijken in iemand anders leven trekt, helemaal als je na afloop enigszins gerustgesteld kunt vaststellen dat je het zelf allemaal nog niet zo slecht voor elkaar hebt.

Er wordt ingespeeld op voyeurisme. We krijgen medelijden met al die ‘stumperds op de buis’, of voelen ons juist gelukkig omdat wij niet zo berooid, naïef of eenzaam zijn. Bij ‘gluur-tv’ is kijkcijfersucces gegarandeerd. (Willem Pekelder)

Promo ‘Zo zijn we niet getrouwd’, aflevering 1

Knuffeltherapie

Dat geldt ook voor ‘Zo zijn we niet getrouwd’. Zowel Bastiaan en Tooske – “zij vindt mij wel eens een oliebol en dan vind ik haar een pannenkoek” – als de stellen die deelnemen aan het programma werken zo op je zenuwen dat je na 45 minuten bijna met een zucht van verlichting weer verder gaat met je leven. Wat bezielt mensen dat ze op zo’n manier met elkaar en met hun kinderen omgaan? En zelfs al is de situatie nu eenmaal volledig uit de hand gelopen door een negatieve spiraal van onwaarschijnlijke omvang, waarom zou je dat vervolgens op televisie willen etaleren? Wil je echt dat heel Nederland ziet hoe je de verjaardag van je kind vergeet, hoe je je man het liefst “de krant door z’n strot zou douwen” of hoe je – uiteraard onder het toeziend oog van Bastiaan en Tooske – een knuffeltherapie doorstaat?

Willem Pekelder geeft als verklaring:

Vroeger wisten mensen hun verdriet te plaatsen in het grote verhaal van een godsdienst of ideologie, wat relativering en troost opleverde. Nu die grote verhalen voor velen zijn weggevallen, hebben we alleen nog ons eigen ik overgehouden, en dat schreeuwt om erkenning. Krijgen we die erkenning niet op het terrein van talent of beroep, dan maar op dat van klein en groot leed. Democratisering van het trauma, noemt Beunders dit psychologische verschijnsel.

Ik zou liever willen spreken van individualisering van het trauma. Juist omdat dát woord nog beter aangeeft hoe allerlei vertrouwde verbanden (kerk, verenigingen, familie, huwelijk, verzorgingsstaat) zijn verbrokkeld of uit het zicht verdwenen. We hebben inderdaad alleen onszelf nog. Waar mensen vroeger met hun ellende naar de kerk gingen, gaan ze er nu mee naar Hilversum. De presentator is de nieuwe pastor, die ons begripvol aanhoort, met dit verschil dat hij met een schuin oog voortdurend op de kijkcijfers let. (Willem Pekelder)

Kijkcijfers

De deelnemer zoekt erkenning, de omroep zoekt winst. Pekelder heeft het vooral over de commerciële zenders, die hun hulpprogramma’s slim omlijsten met bijpassende (sluik)reclame en die vooral mikken op hoge kijkcijfers. Maar eigenlijk is het nog opvallender dat ook de publieke omroepen zich flink bezighouden met hulpprogramma’s die vaak balanceren op het randje van voyeurisme en emo-tv. Je mag aannemen dat daar andere drijfveren achter schuilgaan dan alleen een zo groot mogelijk publiek.

‘Zo zijn we niet getrouwd’ is gluur-tv van de bovenste plank. Toch heb ik nog hoop dat een omroep als de EO met dit soort programma’s af en toe misschien een beetje – ik ben voorzichtig – een deel van het gat kan dichten dat is ontstaan door het wegvallen van de vertrouwde verbanden. ‘Het familiediner’ leent zich hier bijvoorbeeld ook goed voor. Door nadruk te leggen op begrippen als trouw, vergeving en verzoening wordt gluur-tv in ieder geval – zij het op een soms wat klunzige manier – ingezet om een boodschap over te brengen die verder gaat dan alleen kijkcijfers: het op waarde schatten en in ere herstellen van huwelijk, familie en andere (vertrouwens)banden. Het is alleen de vraag of de televisiekijker verder kijkt dan zijn gegluur en die boodschap weet te filteren uit alle triestigheid die hem wordt voorgeschoteld.

Facebooktwittergoogle_pluspinterestlinkedinmail

2 thoughts on “Gluur-tv”

  1. Helemaal met je eens Lianne! Mensen die bijvoorbeeld hun fobie nog nooit aan iemand verteld hebben, er al jaren mee leven, zetten zich te kijk voor volk en vaderland: bijzonder gedrag…

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *